
We hebben net onze zaken afgerond en zitten nog even na te babbelen. Anne geeft aan dat ze best wel chaotisch is. "Je wilt niet weten hoe mijn zolder er uitziet", zegt ze. "Als ik mijn spullen niet meer kan bergen, trek ik de deur naar de zolder los en gooi het met een zwaai van me af". De chaos ligt inmiddels al halfweg de trap. "Je wilt niet weten wat er allemaal ligt".
Ik zeg dat ik wel wat gewend ben en vertel haar dat ik al vaker een zolder heb opgeruimd, waar de chaos meters hoog lag op gestapeld en er nauwelijks ruimte was om mijn voeten neer te zetten. "Mijn zolder is erger", antwoordt ze.
In de loop van het gesprek vertelt Anne dat ze dol is op kleding en winkelen. Maar die zolder... "Ik ben hartstikke druk. Ik werk 32 uur. Met mijn man heb ik het er al over gehad iemand aan te nemen die oppast en direct wat huishoudelijke klussen voor me doet. Ik kom gewoon niet aan die zolder toe. Ik zou niet weten wanneer of ik die aan moet pakken".
We praten er nog even over door. "Ik weet echt niet wanneer ik wat aan die zolder moet gaan doen, ik heb geen tijd over", zegt Anne. "Maar je hebt wel tijd voor winkelen", zeg ik. Anne slaat haar hand voor de mond. "Oh, oohhh... Je hebt helemaal gelijk. Wat erg. In plaats van te gaan winkelen moet ik gewoon eens mijn zolder aanpakken". "Inderdaad", zeg ik. "En weet je wat nog een voordeel is? Het geld wat je uit zou geven aan de kleding, houd je zo in je zak. En het kost je geen extra bergruimte".






